Ook als werknemer voor de rechter bij een arbeidsongeval

In oktober 18, 2019
142 Views

Veel werknemers zijn zich hier niet van bewust. Voor iedereen is het bijna vanzelfsprekend dat bij een arbeidsongeval een werkgever als de ‘schuldige’ wordt aangewezen. Want hij is toch verantwoordelijk voor de veiligheid? Vaak vergeet men dat men volgens de Arbowetgeving ook zelfverantwoordelijk is voor de veiligheid van zichzelf, maar ook voor die van collega’s of anderen waarmee samengewerkt wordt. Op grond van de wet kan de officier van justitie er ook voor kiezen om de werknemer te vervolgen. Natuurlijk moet er dan sprake zijn van aantoonbare nalatigheid en schuld. In de hieronder vermelde rechtszaak lezen we dat een werknemer zich moet verantwoorden voor de rechter.

Werkstraf geëist tegen kraanmachinist voor dodelijk ongeval bij voetbalclub Heesch

Voor de rechtbank in Den Bosch is een werkstraf van 120 uur geëist tegen de kraanmachinist die betrokken was bij het dodelijk bouwongeval in 2017 bij voetbalclub HVCH in Heesch. De 30-jarige man uit Groesbeek maakte volgens het openbaar ministerie ‘ernstige en verwijtbare fouten’ en heeft daarom schuld aan de dood van een bouwbegeleider. De machinist bestuurde de hijskraan die een noodlokaal plaatste. Tijdens het losmaken van de hijskettingen viel de bouwbegeleider van een bouwunit. Hij landde met zijn hoofd hard op de grond en overleed later in het ziekenhuis aan de opgelopen verwondingen. Zowel de rechter als de officier van justitie en de advocaat spraken tijdens de zitting van een zaak die alleen maar verliezers kent.

Leren van het drama
Officier van justitie Frank van Diem sprak de hoop uit dat heel bouwend Nederland leert van het drama in Heesch en de hierbij horende strafzaak. Volgens hem wordt in de praktijk een loopje genomen met veiligheidsregels, met zeer grote risico’s als gevolg.

Hijskettingen
Het slachtoffer klom destijds op het noodlokaal om de hijskettingen los te maken. Volgens de Arbowet had hij dit moeten doen vanaf een tegen de unit te plaatsen ladder. Volgens aanklager Van Diem gebeurt het losmaken in de praktijk heel vaak ‘van bovenaf’: “Er hoeft dan maar iets te gebeuren en de gevolgen kunnen verstrekkend zijn.”

Werk stilleggen
Volgens Van Diem had de kraanmachinist het werk direct moeten stilleggen, óók omdat het slachtoffer geen veiligheidshelm droeg. Advocaat Wilbert van Eijk bracht daar tegenin dat het slachtoffer als bouwbegeleider juist de leiding van de klus had: “De machinist kon ook onmogelijk naar hem toe gaan, omdat hij volgens de regels zijn kraan niet mag verlaten zolang er een last aan vast zit.”

Vrijspraak
Van Eijk vroeg vrijspraak, omdat er juist geen sprake zou zijn van ernstig verwijtbaar gedrag: “Mijn cliënt is kapot van wat er gebeurd is. Hij zal er de rest van zijn leven toch al mee moeten leven.” De machinist gaf dit ook zelf aan. “Moeilijk”, antwoordde hij kort op vragen hoe hij terugkijkt op het ongeluk van twee jaar geleden. Overigens werkt hij weer als machinist, voor dezelfde werkgever.

Kettingen slingeren
De rechtbank doet 8 oktober uitspraak. Cruciaal in de beoordeling lijken de aanwijzingen voor wat er gebeurd is in de laatste seconden voor de fatale val. Volgens de officier van justitie heeft de machinist zonder communicatie met de bouwbegeleider een beweging gemaakt met de kraan. Daardoor gingen kettingen slingeren en zou de bouwbegeleider geraakt zijn. De getuigenverklaringen hierover geven echter geen eenduidig en duidelijk beeld.

Voor iedereen moet het duidelijk zijn dat de veiligheid van jezelf maar ook van anderen een belangrijke zaak is. ‘Bewust veilig werken is dan ook een must’. Dit is niet alleen van toepassing op de bouw, maar op elke branche.

De rechtbank heeft op 8 oktober 2019 de kraanmachinist veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur omdat de rechtbank bewezen acht dat de dood van de ander hem te verwijten valt.voor de rechter

Ook de medewerker van de gemeente Kampen, die een grasmaaimachine bestuurde waaronder een 6-jarige meisje terecht kwam en een paar dagen later overleed, zal strafrechtelijk vervolgd worden. We kunnen ons afvragen of we in de toekomst niet meer van dit soort rechtszaken zullen krijgen.